Nieuws uit Aalst

--------- 't Principoilsjte vandaug es da ge ni te veil complementen mokt en genietj van 't leiven ! - - - - - - - Covid-19 : Blijf aub toch voorzichtig en denk aan uw medemens !! - - - - - - - Deel enkel berichten van officiële bronnen om fake news te vermijden !!! - - - - - - - -

dinsdag 11 juni 2019

Eendracht Aalst

SC Eendracht Aalst of kortweg, en beter gekend als, Eendracht Aalst ('den Iendracht'), is aangesloten bij de KBVB met stamnummer 90, en heeft wit en zwart als clubkleuren.


In 1919, na de Eerste Wereldoorlog kwam een groepje oud-strijders samen op het Esplanadeplein in het café "Bij Jan De Gendarm". Voor de oorlog hadden zij allen bij 'Sporting Aalst' of bij 'Steun geeft moed' gespeeld. Deze clubs waren echter nooit aangesloten bij de voetbalbond en werden al na een heel korte periode ontbonden. Ook clubs als 'Vreugd in Deugd' en het in 1900 gestichte 'FC Alost' waren geen lang leven beschoren.

Tijdens de bezetting werden er trouwens al wedstrijden gespeeld voor het goede doel, namelijk geld inzamelen voor krijgsgevangenen en opgeëisten. Het was 'FC Eendracht Aalst' dat beroep deed op jongens die niet dienstplichtig waren en konden spelen tijdens vriendenwedstrijden. De opbrengsten van deze 'benefieten' ging naar het samenstellen van en versturen van pakketten voor krijgsgevangenen en opgeëisten. 
De Duitse bezetter maakte een einde aan de club in 1917, maar het waren uiteindelijk dezelfde initiatiefnemers die aan de basis zouden liggen van een nieuwe ploeg. 

In het café werd er druk over voetbal gediscussieerd en men besloot uiteindelijk om een nieuwe voetbalclub op te richten. 

Op 25 juni 1919 werd officieel Sport-Club Eendracht Aalst (S.C. Eendracht Aalst) opgericht. Er werd toen geoefend op het Esplanadeplein en de matchen werden gespeeld op de Puiteput (de Sinte-Annalaan). 

De club sloot zich aan bij de voetbalbond en kreeg het stamnummer 90.

Na een beginseizoen met enkel vriendschappelijke matchen, begon de club in seizoen 1920-1921 in competitieverband in de toenmalig Oost-Vlaamse tweede afdeling. 
De volgende jaren deed de ploeg het heel goed, en kon opklimmen in de verschillende reeksen. 

Ze speelden toen aan de Puiteput, de Kappelekensbaan en het stadspark, en in 1928 zou men zich aan het huidige terrein aan de Bredestraat vestigen. 
Tegenwoordig mag het dan een verouderd stadion zijn, toen was het een gloednieuw voetbalveld dat werd aangelegd op een terrein achter de fabriek van Lion d'Or. Om dit veld te kunnen aanleggen werd op 25 januari 1926 de 'Samenwerkende Maatschappij Eendracht' opgericht. 

Het nieuwe terrein, inclusief kleine tribune, 3 kleedkamers, een receptiezaaltje en een toilet, zou uiteindelijk in 1928 afgewerkt geraken. 


Eendracht Aalst deed het helemaal niet slecht en de ploeg groeide uit tot een vaste waarde in de top 5 van de 2e regionale afdeling. In seizoen 1927/28 kon men er zelfs een kampioenstitel te pakken krijgen. 

'Promoveren' dus? 

Neen hoor ... Uiteindelijk kwam het zelfs tot een degradatie!  Oudenaarde had immers een klacht ingediend tegen Eendracht, omdat deze een vergoeding zou gegeven hebben aan drie van hun spelers. In die periode mochten er van de voetbalbond geen vergoedingen gegeven worden in de regionale reeksen en alle wedstrijden van 'den Iendracht' werden omgezet naar verlieswedstrijden. 
Etienne Eeman, de toenmalige voorzitter, diende het schip te verlaten, en samen met hem vertrokken er nog een hele hoop andere bestuursleden. 
De vloek van Oudenaarde ... Een eerste domper in het Eendrachtverhaal ... Er zouden er echter nog komen ...

Er werd een nieuwe voorzitter aangesteld, Pierre Cornelis, en met deze frisse wind volgde opnieuw een succesperiode. 
In 1931/32 promoveerde Eendracht Aalst uit de provinciale reeksen weg, en mocht nu zijn aantrede maken in Promotie A. Feestje dus in Aalst. 

Den Iendracht bleef 'goe beizig' en nog enkele jaren later, het is nu 1936-1937, bereikte men zelfs de Eerste afdeling B, ... nog een groter feestje dus! 

Het was in die periode dat een zekere Adolf De Buck het goede weer maakte bij de ploeg, ... meteen trouwens ook de eerste Eendrachter die het zou schoppen tot international (eeerste oproep in 1945).

En het succesverhaal voor de club bleef duren, ...  amper één jaar later, we schrijven 1939-1940 en de ploeg promoveerde zo naar de hoogste nationale afdeling, de Ereafdeling, ofte 1e Nationale.


Een belangrijke opmerking is hierbij dat maar liefst acht echte Aalstenaars deel uitmaakten van de spelerskern, waarvan er zeven uit de jeugdrangen van de club zelf kwamen ... Lokaal talent dat kon tellen dus ...

Tijdens de oorlog was er - uiteraard - gedurende twee seizoen geen competitie op Belgisch niveau (er werd wel een provinciale noodcompetitie georganiseerd), maar in 1941/42 kon de ploeg dan toch eindelijk in de hoogste klasse beginnen, waar ze direct een mooie vijfde plaats behaalden. 

In 1946 stierf, onder tragische omstandigheden, Pierre Cornelis, die 16 jaar voorzitter was geweest, en het stadion werd dan ook meteen omgedoopt in het 'Pierre Cornelisstadion', zoals het tot op de dag van vandaag nog steeds heet. Het was onder zijn voorzittersbewind dat de club van derde provinciale naar de hoogste afdeling promoveerde. Hij was tevens schepen van onderwijs, cultuur en bevoorrading en een heel vooraanstaand en gerespecteerd man in Aalst.

In 1946/47 werd de competitie hervormd, en werd men het aantal ploegen in de hoogste afdeling verminderd. Hoewel Eendracht op 2 na laatste was geworden, en eigenlijk dus 'gered' was, moest de ploeg alsnog degraderen naar de Eerste Afdeling. 

Het seizoen 1949/50 werd een zwart jaar voor de ploeg. Speler Miel De Buck liep een buikblessure op tijdens de wedstrijd tegen White Star en overleed, een paar dagen na zijn 22ste verjaardag, een maand later aan de gevolgen hiervan.
De dood van de speler kende een enorme weerslag op de prestaties van de ploeg. Zowel spelers als supporters waren erg aangedaan door het voorval en de drang om te 'vechten' bleek wat gedoofd te zijn. 

Vanaf 15 mei 1951 mocht de ploeg zich Koninklijke Sportclub Eendracht Aalst (K.S.C. Eendracht Aalst) noemen, maar sportief gezien ging het nog steeds niet zo goed, en de ploeg diende opnieuw te degraderen naar bevordering, promotie B.  

Het verblijf daar bleek echter maar van korte duur te zijn. 

In 1952 werd de structuur van de competitiereeksen opnieuw heringedeeld, en Eendracht Aalst mocht aantreden in de derde nationale, hoewel ze 'slechts' op een derde plaats in het eindklassement waren geëindigd.  In deze derde klasse zouden ze blijven tot in het seizoen 1956-1957 toen ze een mooie eerste plaats wisten te veroveren. 

In 1957 promoveerde Aalst weer naar tweede, en na drie seizoenen, in 1960werd opnieuw de hoogste afdeling bereikt. 

Het was ene zekere Michel Verschueren die hier zeker een groot aandeel in had. Hij was immers aangesteld als conditietrainer en liet de spelers de trappen van de tribunes op- en aflopen ... met zandzakken van 10 kilo op hun rug ...  Zware trainingen dus, maar ... het loonde, en dus was het goed. 

Seizoen 1961/62 was een bewogen seizoen voor de club, dat nog lang zal nazinderen in de geschiedenis van de club. Omdat dit een heel belangrijk hoofdstuk zou blijken in de club, wat nog steeds niet is verteerd bij de supporters, hier een relaas van die match ...

De wedstrijd op 5 november tegen Standard, onder leiding van Arthur Blavier (die 11 seizoenen daarvoor al eens 4 Aalstenaars had uitgesloten) werd een heel zwart dieptepunt voor 'den Iendracht'. 

Het liep grondig mis, al van in het begin van de match. Een paar grove fouten van de 'rouches' werden door de vingers gezien en een - eigenlijk banaal - duel tussen Aalstenaar Willy Bellon en Standardspeler Léon Semmeling hitste het publiek op.

Even later kreeg Jan Van Poelvoorde (EA) een elleboogstoot, waarna hij even de kleedkamers moest opzoeken om te kunnen bekomen. 
Hij kwam terug en net voor de rust incasseerde hij nog eens een trap in het kruis. Hij protesteerde heel fel bij Blavier, die reageerde met 'dehors' en de rode kaart toonde. 

Na het doelpunt van Semmeling, net na de rust, mocht ook Jan's broer Antoine gaan douchen. Slachtoffer Istvan Sztani leek wel te creperen van de pijn na een trap van Antoine, maar achteraf gaf hij ridderlijk toe dat het allemaal komedie was. 
Te laat natuurlijk … de rode kaart was reeds een feit. 

In de 60ste minuut was het de beurt van Albert Mayama om het veld te verlaten, ook al voor protest. 
In de 71ste minuut verdubbelde Paeschen de score, wat voor kapitein Gaston Van  der Elst het sein was om samen met zijn ploegmaats het veld te verlaten. 

Een kwartier voor het einde van de wedstrijd had Blavier dus al 3 spelers van Aalst van het veld gestuurd, en de spelers protesteerden dus door het terrein te verlaten, waarop een deel van de toeschouwers het terrein bestormde en Blavier bekogelde met aardkluiten.
De politie had alle moeite van de wereld om de gemoederen te bedaren, wat uiteindelijk leek te lukken. 


Nadat bestuursleden en de politie het volk uiteindelijk van het veld hadden kunnen verwijderen, moesten 3 spelers echter 'forfait geven door een blessure'. Het waren Van der Elst, Willy Plas en Lajos Balogh die zich zogezegd blesseerden en het veld moesten verlaten.

Er waren geen vervangingen meer mogelijk en er waren dus maar 5 spelers meer over.
De wedstrijd, waarin het trouwens al 0-3 was, diende dus gestaakt te worden.

Het Cornelisstadion kolkte van woede.

Het rapport van Blavier was vernietigend voor Aalst. Verschillende spelers werden een tijd geschorst, en Aalst moest een match achter gesloten deuren spelen. Michel Verschueren, volgens Blavier de aanstoker van de feiten, kreeg een schorsing van 15 maanden. 

Het team eindigde dat seizoen laatste met 17 punten uit 30 wedstrijden, en het moet niet gezegd worden dat deze zaak de ploeg jarenlang zou achtervolgen ... 'De vloek van Blavier' was een feit ... 

'Den Iendracht' zou gedurende drie decennia niet meer in de hoogste afdeling spelen, en verbleef 17 seizoenen in tweede en 11 seizoenen in derde klasse. 

Toch valt hier ook nog een lichtpuntje te vernoemen. 
Het seizoen 1963-1964 eindigde met een mooie achtste plaats in Tweede Klasse, maar het is vooral een schitterend bekeravontuur dat we hier moeten onthouden. 
Zowel landskampioen Anderlecht (1-0) als Antwerp (4-2) dienden het te vergelden, maar in de halve finale bleek bekerwinnaar AA Gent toch te sterk voor de Ajoinen. 

In 1965-1966 moest de club zelfs in bevordering (vierde klasse) van start, na een omkoopaffaire het vorige seizoen. Aalst, dat op dat ogenblik voorlaatste stond op één punt van Namen, diende nog 5 wedstrijden te gaan. Tijdens de wedstrijd Sporting Charleroi-Eendracht Aalst leidde Aalst met 0-3 maar tijdens de rust verklaarde Charleroi speler-trainer Piccinin dat hij was omgekocht. 

De wedstrijd eindigde op 0-3 maar de omkoopverklaring diende natuurlijk verder te worden onderzocht. 
Uit het onderzoek van de voetbalbond bleek dat Piccinin benaderd geweest was door Anderlechtspeler Jamin. Hij werd gevraagd om de wedstrijd in het voordeel van Aalst te laten eindigen, want dat zou beter uitkomen om de positie van Anderlecht te verstevigen. Jamin zou dan op zijn beurt weer ingeschakeld zijn door zijn ploegmaat Gaston Van der Elst (vroeger ook Eendrachtspeler), en die zou op zijn beurt dan weer gehandeld hebben op verzoek van Eendracht trainer Luc Van den Ende.

Uiteindelijk werd geen enkele speler of bestuurder van Eendracht Aalst gestraft, maar de KVBV besliste wel dat ze moesten degraderen naar bevordering. 
Opnieuw richting 'af' voor onze spelers, ditmaal door 'De Affaire Charleroi' ...

Daar verbleven ze echter maar één jaartje en  reeds in 1976/77 promoveerde Aalst opnieuw naar derde klasse, waar ze maar liefst 11 jaar zouden verblijven. 

Een afgenomen titel in 1968 deed op dat moment niets meer van de spelvreugde af, hoewel ze natuurlijk ook niet echt bijdroeg aan de positieve sfeer. 
Het was immers zo dat het slotduel om de titel in Derde Klasse toen werd gewonnen op Cercle Brugge (0-1). Na het volksfeest dat onmiddellijk was losgebarsten, volgde een serieuze kater omwille van een formaliteit op het scheidsrechtersblad. 
Dat bleek niet helemaal correct ingevuld te zijn en na een hele affaire op de voetbalbond verloor Aalst de titel aan Cercle Brugge. 

Met in zijn rangen onder andere Paul Van Himst, één van de beste Belgische voetballers ooit, die er zijn voetbalcarrière afsloot, en onder leiding van Gaston Van der Elst als trainer, werden ze er in seizoen 1976-1977 kampioen met maar liefst 11 punten voorsprong. Terug naar 2e nationale dus, en ook dat zou voor een mooie periode blijven duren. 

Een stevige ploeg dus, maar dat kan jammer genoeg niet gezegd worden van de tribune.
De staantribune, die er sedert de jaren '60 wekelijks voor zorgde dat er tot 14 000 toeschouwers konden komen genieten van de matchen, begaf het. Op 14 november 1977 waaide als gevolg van een hevige storm deze staantribune weg. 


Eind jaren '70 konden de supporters genieten van voetbal met een strikje. Dat werd ons aangeboden door - onder andere - de Braziliaan Salvador Mammana Neto. Deze fenomenale klassespits bracht ons met zijn wereldgoals meermaals in vervoering. 
Jammer genoeg werd ook hij geveld door blessures.

Tijdens de jaren '80 poogde Aalst opnieuw de hoogste klasse te bereiken, maar strandde vaak in de eindronde. Het leek er soms op dat de spelersgroep, of tenminste een gedeelte ervan, niet wilde promoveren. 
In 1980-1981 was het wel heel erg nipt. Aalst kwam maar één puntje tekort tegenover KV Mechelen.

In die periode stond Aalst er trouwens, op financieel gebied, niet echt goed voor. Onder leiding van voorzitter Eric Goethals en zijn bestuur echter werden een groot aantal problemen weggewerkt en werd er werk gemaakt van nieuwe, ambitieuze, plannen. 

Trainer Laszlo Fazekas slaagde er in 1988 in om met een zogenaamde restjesploeg toch door te stoten naar de eindronde. De promotie lag voor het grijpen maar tegen SK Lierse bleef het thuis op 0-0 steken. 
Wel konden we opnieuw genieten van mooi voetbal, ditmaal gebracht door - onder andere - Moses Chunga.  Als hij geen goesting had, moest je't er maar bijnemen, maar als hij in form was, waren zijn dribbels en balkunsten van het hoogste niveau. 

In de zomer van 1989 kwam Juan Lozano de spelerskern versterken. maar jammer genoeg kon hij nooit het niveau terugvinden van voor een ernstige blessure die hij voorheen had opgelopen bij Anderlecht. Een tackle van Yvan Desloover zou ervoor zorgen dat zijn been nooit meer het oude zou worden.

Van zijn voetbalspel konden we dus maar enkele keren echt genieten, maar het is wel zo dat Lozano Aalst een nieuwe impuls had gegeven. De goesting om te voetballen was er weer en de club leefde opnieuw op. 

Het budget van de club werd groter, en er werd met Patrick Orlans een heuse manager aangesteld om het financiële plaatje in goede banen te helpen leiden. 
Seizoen 1990-1991 : Tot ieders verbazing won Eendracht op 23 mei 1991 de eindronde en de club kon na 29 jaar (14 jaar tweede nationale) opnieuw zijn opwachting maken in de hoogste klasse

De nieuwe ploeg voor deze 1ste klasse werd voorgesteld in het bijzijn van Vlaamse artiesten als Wendy Van Wanten, Leopold III en Will Tura, maar het zou een moeilijk seizoen worden voor Aalst. 

Sterkhouders als Luc Limpens, Moses Chunga, Jules Mandiangu, Mohammed Kanu en Hans De Schrijver bleven bij de club en met Godwin Okpara, Olivier Lamberg, Roald Van Peteghem, Marc Verbruggen, Chris Baert, Dirk Van der Beecken, Dieter Schwabe, Theo Zakkas en Philippe Desmet werd de nodige versterking binnengehaald. 

In 1991/92 werd dus een aanvang genomen in eerste klasse, maar Eendracht Aalst besefte wel onmiddellijk dat het wellicht zou moeten vechten tegen de degradatie, en die vrees bleek al meteen gegrond. De andere clubs bleken inderdaad te sterk te zijn.  
Eendracht Aalst terug naar tweede klasse dus, en Lazlo Fazekas, die eerder al eens trainer was, werd opnieuw afgedankt.  De club zou met Jan Ceulemans verder gaan in 2de klasse.

Twee seizoenen later (1993/94) was het dan toch opnieuw prijs. Men kon opnieuw de eerste klasse bereiken onder leiding van debuterend trainer Jan Ceulemans, en enkele klassespelers zoals Godwin Okpara en Gilles De Bilde, die topschutter werd in tweede klasse.  Het werd meteen hét begin van een glorieperiode voor de club.

In het seizoen 1994/95 bereikte Eendracht de halve finale van de Beker van België, en eindigde het vierde in de competitie, waardoor voor het eerst in de clubgeschiedenis een Europees ticket werd bemachtigd. 
Gilles De Bilde won in 1994 de Gouden Schoen. Onze 'vedet' werd Rode Duivel en speelde na Aalst nog voor Anderlecht, PSV en Sheffield Wednesday. 
Godwin Okpara won in 1995 de Ebbenhouten variant. Hij speelde daarna nog voor Strasbourg, PSG, Standard en de Nigeriaanse nationale ploeg.

Het volgende seizoen overleefde men, tot groot jolijt van de supporters, de eerste ronde van de UEFA Cup. Levski Sofia werd uitgeschakeld, maar Aalst ging dan wel onderuit tegen Europese topper AS Roma. In de competitie eindigde men 14e. 

Hier een 'lokaal' krantenartikel vanuit Sofia : 


De komende seizoenen zou Aalst de middenmoot spelen. 

Het seizoen '96-97 mag zeker niet tot de meest gelukkige van den Iendracht gerekend worden. 

In september 1996 diende Eendracht Aalst definitief afscheid te nemen van voorzitter Eric Goethals, die tot twee maanden cel veroordeeld was wegens fraude met zijn beleggingsbedrijf. Hij werd opgevolgd door Gilbert De Jonge, die de touwtjes echter minder strak in handen hield. Hierdoor kon manager Patrick Orlans het beleid van de club volledig naar zich toe trekken, wat geen goede zaak bleek achteraf.

Orlans focuste zich vooral op het commerciële luik en beloofde om 240 miljoen frank te voorzien voor het jeugdcomplex en de tribune. Verschillende bekende Vlamingen werden door Orlans regelmatig naar Eendracht Aalst gehaald, maar ondertussen vergat hij dat de club nog RSZ-schulden had vanuit de jaren '80. Met Christophe Lauwers werd nog een dure speler binnengehaald voor het seizoen 1996-1997 en ondertussen draaide de club ook verlies.

Opnieuw een donkere dag, waar men ook nu nog steeds van spreekt, werd de dag van de match Anderlecht-Eendracht Aalst in seizoen '96-'97.
Gilles De Bilde deelde een vuistslag uit aan Aalst-speler Krist Porte ...  Gezien het voorval gebeurde op het moment dat Anderlecht een strafschop aan het nemen was, werd De Bilde hier nooit voor gestraft. 
Geen kaart ... en toen natuurlijk ook nog geen VAR, die zeker op het voorval zou terugkomen met een gepaste straf. 
Een gebroken oogkas, een gescheurd netvlies, ... het zorgde ervoor dat Krist maar liefst acht maanden aan de kant zou moeten blijven. Een juridisch staartje werd in 2008 afgesloten met een door De Bilde te betalen bedrag van 10 000 Euro. 
De voormalige publiekslieveling had het definitief verkorven bij de Eendrachtsupporters.

En het was nog niet gedaan. Nadat Eendracht in 1995 al uit de bekerfinale gehouden werd door scheidsrechter Van Den Wijngaert (hij keurde het beslissende doelpunt van Van Ankeren op Club Brugge onterecht af), gebeurde dat in 1997 nog een keer. De winning goal van Lauwers tegen Ekeren werd afgekeurd, hoewel het hele stadion het anders had gezien. Scheidsrechter Meese gaf zijn fout achteraf toe, maar ja, dan was het kalf al verdronken natuurlijk. 

In het seizoen 1997-1998 moest Eendracht tot op het laatste moment knokken voor behoud. Orlans wou Aalst, koste wat het kost, redden van de degradatie en zette heel wat acties op, zoals gratis drankbonnen en supportersbussen. Aalst kon zich met trainer Urbain Hasaert uiteindelijk redden na een sterke 12 op 15 in de slotfase. Volgens sommigen zat er een reukje aan de redding van Aalst en toen Manu Karagiannis van Antwerp, Dirk Rosez van RWDM en Rudy Moury naar buiten brachten dat ze benaderd werden om de wedstrijd in het voordeel van Aalst te laten uitdraaien, werd er een officieel onderzoek ingesteld.

Na diepgaand speurderswerk werden Bart De Bruyne en Eddy Roelandt aangeduid als diegenen die de betrokken spelers zouden willen omkopen hebben. Eendracht Aalst en manager Patrick Orlans werden langs hun kant beschuldigd van poging tot omkoping als vermeende opdrachtgevers van De Bruyne en Roelandt. Het parket eiste de degradatie van Eendracht Aalst en een straf voor manager Patrick Orlans.

Op het proces tegen Eendracht Aalst en Patrick Orlans getuigde Jozef Hutsebaut, één van de beheerders van Eendracht Aalst, dat er een budget van zeven miljoen frank (175.000 euro) vrijgemaakt zou zijn voor de operatie redding. Volgens hem zou naast de drie genoemde wedstrijden tegen Antwerp, Charleroi en RWDM ook de match tegen Germinal Ekeren gefikst zijn, maar deze zaak werd gestopt omwille van onvoldoende bewijslast.

Begin 2000 waren Gilbert De Jonghe en Patrick Orlans de kop van jut, omdat ze aanstuurden op een fusie met Sporting Lokeren. De supporters protesteerden massaal tegen het verkopen van de eigenheid van de club, en zo werd de wedstrijd tegen Sint-Truiden afgetrapt voor lege tribunes 

Deze thuisblijfactie werd op poten gezet om te symboliseren hoeveel Aalsterse fans naar een fusieclub zouden komen kijken. 
De fusieplannen werden - onder zware druk dus - opgeborgen en De Jonghe en Orlans verlieten de club. 
Luc Coppens, jarenlang trouwe sponsor, nam de fakkel over en werd de nieuwe voorzitter. 
De put die Orlans en De Jonghe hadden gecreëerd bleek echter niet meer op te vullen en ondanks talloze wanhoopspogingen kondigde de club eind 2001/2002 het faillissement aan. 

De club degradeerde met een 17e plaats in het klassement, maar ook omwille van een sanctie van de KBVB.

Dit betekende het einde van KSC Eendracht Aalst onder de oude naam. In de competitie 2001/02 eindigde de club voorlaatste, maar door het faillissement moest Eendracht nog wat verder afzakken naar Derde Klasse. 

De club werd omgedoopt tot Voetbalclub Eendracht Aalst 2002 (V.C. Eendracht Aalst 2002) en Peter Garré werd de nieuwe voorzitter. Het clubnummer 90 mocht worden behouden. 

Ives Cordier was de enige speler die bleef na het faillissement en was in het eerste jaar na de degradatie de revelatie bij de club. 
Ook keeperstrainer Niels De Rudder, materiaalmeesters Willy Delclef en Patrick Minnaert, scheidsrechtersbegeleider Oscar Van De Walle en afgevaardigde Odilon De Schrijver bleven hun club trouw. 

Ex-International Leo Van Der Elst werd trainer en kreeg de opdracht Aalst opnieuw hogerop te krijgen. Hij werd echter in februari van dat seizoen al ontslagen. Aalst haalde dat seizoen de eindronde, en promoveerde na een penaltythriller in de finale (8-7) tegen OH Leuven. 

De nieuwe ploeg bleef naarstig verder zoeken naar een nieuw elan, en belandde na twee seizoenen tweede weer in de derde klasse. In het seizoen 2005/06 ging het echter verder bergaf. 

Bouwpromotor en voorzitter Peter Garré wou fuseren met AA Gent. Hij zei dat Aalst niet leefbaar was en verklaarde talloze keren dat hij niet Don Quichot was. Net zoals 5 jaar ervoor zorgden de supporters voor het zelfstandig voortbestaan van de club. Nadat Garré ook de staantribune sloot uit besparingen, bezetten de fans de businessseats en lieten ze Garré verstaan dat hij niet langer welkom was op Aalst. 
De week erna in Torhout werd de voorzitter zelfs de toegang geweigerd tot het stadion door de kwade fans. 
Onder politiebegeleiding werd hij naar huis gebracht. De supporters planden de week erna een gratis toegang voor alle supporters tot het stadion, maar zover kwam het niet: Peter Garré liet de club over. 

Marc Schots, ook al jarenlang trouw supporter, zou de nieuwe reddende engel van Eendracht worden, en werd de zoveelste voorzitter in de laatste jaren. Het kwaad was echter al geschied en Aalst eindigde op een veertiende plaats, waardoor men eindronde moest spelen tegen een vierdeklasser. Aalst ging daarin onderuit tegen RRC Péruwelz en zakte voor het eerst sinds 40 jaar weer naar Bevordering. 

Eén lichtpuntje kunnen we wel onthouden uit deze donkere periode : na de winterstop werd een jonge ster in wording ontdekt. We spreken hier over Dries Mertens. Ondanks zijn talent en zijn meerwaarde kon ook hij Eendracht echter niet helpen ... 

Met een nieuw bestuursteam en nieuwe spelers kon de ploeg in Vierde Klasse echter al gauw zijn stempel op de competitie drukken. 

Aalst pakte in 2006-2007 de eerste periodetitel, werd herfstkampioen, pakte ook de tweede periodetitel en werd uiteindelijk vlot kampioen. Na één seizoen in Bevordering werd zo onmiddellijk de terugkeer naar Derde Klasse afgedwongen. 

Tijdens de zomerstop liet trainer De Wilde zijn spelers via e-mail (!) weten niet langer trainer te zullen zijn van Eendracht Aalst. 
Eendracht Aalst zocht, en vond in Luc Limpens dé ideale opvolger, want het betekende voor hem ook de terugkeer naar de club waar het voor hem allemaal begon. 

In het seizoen 2007-2008, de club speelde toen in 3e klasse A, liet de club van zich spreken door een overwinning tegen Sint-Truidense VV in de Belgische Beker. De promotie werd echter niet afgedwongen. 

In het seizoen 2008-2009 werd Luc Limpens bedankt voor bewezen diensten. 
Marc Dillen werd zijn opvolger, maar ook hij deed het seizoen niet uit. 
Na de nederlaag op RAA Louviéroise (3-1) stelde hij zijn mandaat ter beschikking van het bestuur. 

Nieuwe trainer Kris Van Der Haegen slaagde er al evenmin in de ploeg op de rails te krijgen en na negen speeldagen in het seizoen 2009-2010 nam Bart Van Renterghem dan het roer over. De club eindigde derde in het klassement en kon zo deelnemen aan de eindronde, maar werd in de eerste ronde al door Boom uitgeschakeld.

Op 9 april 2011 kon Eendracht Aalst in eigen stadion kampioen spelen, indien het hetzelfde resultaat of een beter resultaat behaalde dan zijn achtervolger.  Enkele dagen voor de match werd in onderling overleg met Waregem, Aalst, Hoogstraten en de KBVB besloten om de match in het stadion van Eendracht Aalst te spelen. Waregem kon immers maar 1500 bezoekers ontvangen, en dat was zeker niet genoeg om de veiligheid te kunnen garanderen. 

Aalst verloor met 1 -0 en achtervolger Hoogstraten won zijn match met 7-1. Een week later kroonde Aalst zich dan thuis wel kampioen, toen het met 3-0 won tegen Dessel Sport. 

VC Eendracht Aalst 2002 had na die overwinning maar liefst 9 punten voorsprong op eerste achtervolger Hoogstraten, dat op dezelfde dag met 3-2 verloor bij hekkensluiter Cappellen. Met nog 2 matchen te gaan kon Hoogstraten Aalst dus niet meer inhalen. 
En zo speelde 'den Iendracht' na 6 jaar eindelijk weer in Tweede Nationale. Kapitein Predrag Filipovic en het duo Wouter Moreels-Laurent Depoitre speelden dat seizoen een grote rol.

Voor aanvang van het seizoen 2012-2013 werd de clubnaam gewijzigd van Voetbalclub Eendracht Aalst 2002 tot SC Eendracht Aalst (Sportclub Eendracht Aalst). 

De club wist zich in Tweede Klasse telkens in de middenmoot te handhaven en stak haar ambities niet onder stoelen of banken. Eendracht Aalst moest een gezonde club en, op termijn, een topper in Tweede Klasse worden. 

Die ambitie bleek echter niet echt realistisch te zijn. Doordat de club er financieel toch niet zo goed voor stond en de samenwerking met de stad Aalst stroef verliep, ging de situatie van Eendracht Aalst van kwaad naar erger. De schuldenput van Eendracht was immers toegenomen tot zo'n twee miljoen euro.  
Met lede ogen keken de supporters toe hoe hun geliefde, sfeervolle, vak K diende te worden afgebroken. Met een protestmars naar het stadhuis uitten ze hun ongenoegen in het stadiondossier, maar het mocht allemaal niet baten.  De legendarische staantribune moest verdwijnen omwille van de veiligheid. 
Deze diende te worden vervangen door een noodtribune, die echter ook al niet aan de normen van de hogere Belgische reeksen voldeed. 


De problemen met de club lieten zich dan ook snel duidelijk voelen. Er werd in 2015 geen licentie meer verkregen voor Tweede Klasse en ondanks een fraaie negende plaats werd Eendracht Aalst veroordeeld tot degradatie naar derde klasse. 
Een zoveelste domper voor de heel ambitieuze club, die steeds kon rekenen op een hele schare 'vaste' supporters. 

Toenmalig voorzitter Frank De Roose zag geen uitweg meer en zette eind 2015 een stap opzij. Een zoektocht naar nieuwe investeerders werd op dat moment ingezet. Een nieuwe bestuursploeg onder leiding van voorzitter Patrick Le Juste werd aangesteld om Aalst naar nieuwe successen te leiden.

Na de competitiehervorming kwam Eendracht Aalst in het seizoen 2016/2017 uit in de Tweede Amateurliga, waar het na één seizoen spelen promoveerde via de eindronde.
 
Seizoen '19-'20 diende dan alweer in Tweede Amateurliga afgewerkt te worden na nieuwe degradatie.

Op 11 juni 2019 werd bekend gemaakt dat Eendracht verder gaat zonder CEO Dirk Adriaenssens. Er werd in onderling overleg een einde gemaakt aan de samenwerking.

2019 was trouwens ook het jaar van 'het gala'. Eendracht Aalst bestond toen immers 100 jaar. Er kwam een boek, en een galadiner, en er werden speciale sjaals gemaakt. Sfeergroep 'Onion Party Crew' deed een oproep naar de supporters om tijdens de gala game tussen EA en RSC Anderlecht in oude klederdracht (periode rond 1919) naar de match te komen. 
Vlak voor de match werd deze opmerkelijke tribunefoto uit deze periode nagebootst. 


De club voorzag op hun website een 'selectie van de eeuw'. Hier kregen volgende spelers hun plaatsje : 

- Pierre 'Pie' Van Der Meirsch
- Adolf De Buck
- Alfons Lockefeer
- Godwin Okpara
- Maurits De Schrijver
- Peter Van Wambeke
- Kris Temmerman
- Luc Limpens
- Jean Arnolis
- Yves Vanderhaeghe
- Moses Chunga
- Karel Voogt
- Gaston Van Der Elst
- Salvador Mammana Neto
- André De Nul
- Geert Van Roy
- Gilles De Bilde

Het trainersduo van de eeuw :

- Jan Ceulemans
- Laszlo Fazekas


Ook een galamatch (tegen AZ Alkmaar) was voorzien, maar deze werd omwille van veiligheid verboden door de burgemeester. Het stadion voldeed immers niet aan de veiligheidseisen en er zou te veel politie moeten worden ingezet om de veiligheid te kunnen garanderen. 
Het clubbestuur zocht naar oplossingen, en vraagt in elk geval ook al overleg aan met het stadsbestuur.

Het stadion heeft trouwens al voor heel wat kopzorgen gezorgd, zowel bij de supporters, het stadsbestuur en het bestuur. 
Een nieuw stadion blijkt nodig, maar men kan maar niet overeenkomen over plaats, capaciteit en andere dingen. Een gepaste grond vinden blijkt een heel groot probleem te zijn, hoewel er wel constructieve gesprekken lopende zijn.

Naast de beslommeringen over een nieuw stadion, beleefde de club in 2020 ook al een dramajaar. 

Omwille van de covid-perikelen kon men eind oktober niet terugblikken op een geslaagde seizoenstart.  Onze Ajuinen konden nog geen enkele keer 'thuis' spelen en als gevolg van de competitiestop die werd ingelast vanaf midden oktober zijn er helemaal geen goede vooruitzichten. 
Voorzitter Patrick Le Juste vreesde dat het nog wel even zou kunnen duren vooraleer 'den Iendracht' opnieuw aan de bak zou komen. 
De inkomsten van de club beperkten zich  enkel tot de abonnementenverkoop en de steun van de sponsors. Maar gezien er nog niet thuis werd gespeeld was dat slechts 20-25% van het voorziene. 

Vanaf het ogenblik dat Voetbal Vlaanderen besliste dat de competitie werd stopgezet werden de spelers op technische werkloosheid gezet. Er werd gevreesd dat de competitie pas eind januari opnieuw van start zou kunnen gaan, en er dus maar een 15 wedstrijden meer gespeeld zullen worden. 

Ook een volgend hoofdstuk in het lange Eendracht-Aalst verhaal kondigde zich niet al te goed aan. 

Nadat voorzitter Lejuste in onvrede leefde met de supporters en er een supportersboycot kwam in 2022-2023 besloot hij de ploeg te koop te zetten. Op 10 augustus 2023 werd aangekondigd dat de overname in orde was.
De oud-voorzitter was die dag opgetogen dat hij zijn club kan overlaten aan een investeringsfonds uit Istanbul (Turkije) dat in handen was van Mustafa Ulas Ortakaya en Yuksul Demir.

Op 31 augustus 2023 werd voormalig profvoetballer Kevin Mirallas voorgesteld als de nieuwe technische directeur.
Regi Van Acker werd de nieuwe coach na het ontslag van Carl De Geyseleer. 

Het Turkse verhaal leek al snel heel ambitieus. Een beetje té ambitieus misschien, en al snel leek het erop dat het niet echt allemaal heel 'koosjer' was en de supporters zagen het helemaal verkeerd gaan met de club. 
Een vechtpartij in de jeugdkantine overschaduwde het geheel, en geruchten over niet betaalde spelers, achterstallige rekeningen en veel zwart geld, maakten de Turkse investeerders niet meteen populair. Zelfs de burgemeester diende in te grijpen en drong aan op een gesprek om klaarheid te brengen in de hele zaak. 

Er kwamen enkele veranderingen. 

In september 2023 waren al zeven transfers aangekondigd maar EA gleed blijkbaar verder in de afgrond. Het stadsbestuur was er niet over te spreken en eiste verklaringen.

De trainer werd ontslagen, het was Bekir Celik die in de plaats kwam. Zijn debuut werd de carnavalsmatch en hij leidde de ploeg daarna naar een eerste plaats.

En er kwam ook een nieuwe herstructurering binnen de Turkse groep. Tülin Sönmez zou de eerste vrouwelijke voorzitster van Eendracht Aalst worden. 

'Ineens' werden ook alle schulden afgelost en werden de spelers correct betaald. 
Het wantrouwen bleef echter, zelfs toen de club een eerste plaats veilig leek te stellen én een promotie ambieerde. 

Het succes werd een feit ... Dankzij 3-0-winst tegen het nummer twee Ninove, kroonde Aalst zich op zondag 21 april 2024 tot kampioen en gaat het over naar Eerste Nationale, de vroegere derde klasse. 


Social Media stond vol beelden van feestende supporters en spelers (in de Carré-Willebroek).

Na een turbulent seizoen misschien toch een reden tot vieren voor de fans. En volgens Ulas Ortakaya, één van de Turkse eigenaars van Eendracht Aalst, staat de club nog mooie tijden te wachten. Hij bevestigt bij de regionale zender TV Oost dat alle schulden (we spreken hier over 450 000 Euro) betaald zijn en alle benodigde documenten werden ingediend om een licentie te behalen.

Ortakaya beloofde dat de “rust en vrede” in Aalst snel terug zouden komen. “Dit is de club van de Aalstenaars en zijn supporters en dat willen wij zo houden. Ondanks de obstakels gecreëerd door de burgemeester en de schepen van Sport, Matthias De Ridder, en de psychologische aanvallen is het ons toch gelukt om kampioen te spelen en een stap dichter bij ons doel (de Jupiler Pro League) te komen.”

De schuld werd dus in de schoenen van de burgemeester en college gestoken.

Een volgende stap werd het behalen van de licentie om te mogen promoveren, want daarvoor is meer nodig dat kampioen spelen. Dat mocht trouwens blijken uit de eerste beslissingen : EA kreeg in eerste instantie geen licentie. Er ontbraken nog enkele documenten ter staving.  Hopelijk wordt uitstel geen afstel ... 



KLASSEMENTEN VAN BEGIN TOT NU

SC Eendracht Aalst
1920-1921 2e Provinciale B O-Vl   3
1921-1922 2e Provinciale O-Vl     9
1922-1923 2e Provinciale O-Vl     6
1923-1924 2e Provinciale O-Vl     7
1924-1925 2e Provinciale O-Vl  3
1925-1926 2e Provinciale O-Vl      8
1926-1927 2e Provinciale O-Vl    3
1927-1928 2e Provinciale O-Vl  1 degradatie (sanctie KBVB)
1928-1929 3e Provinciale A O-Vl  1 kampioen + promotie
1929-1930 2e Provinciale O-Vl  2
1930-1931 2e Provinciale O-Vl  4
1931-1932 2e Provinciale O-Vl  2
1932-1933 2e Provinciale O-Vl  1 kampioen + promotie
1933-1934 Promotie A                  4
1934-1935 Promotie A                  7
1935-1936 Promotie D                  1 kampioen + promotie
1936-1937 1e Afdeling B               7
1937-1938 1e Afdeling B               4
1938-1939 1e Afdeling A               1 kampioen + promotie
1939-1940 1e Nationale                - competitie niet afgerond (oorlog)

1940-1941 1e Afdeling A               8 noodcompetitie omwille van oorlog
1941-1942 1e Nationale                 5
1942-1943 1e Nationale             13
1943-1944 1e Nationale           12
1944-1945 1e Nationale                - competitie niet afgerond (oorlog)
1945-1946 1e Nationale                9
1946-1947 1e Nationale             17 degradatie   
1947-1948 1e Afdeling A              3
1948-1949 1e Afdeling B              5
1949-1950 1e Afdeling A              5

1950-1951 1e Afdeling                15 degradatie

KSC Eendracht Aalst
1951-1952 Promotie B      3
1952-1953 3e klasse B      7 vanaf dit seizoen zijn er 4 nationale niveaus
1953-1954 3e klasse A      2 evenveel punten als KFC Izegem maar meer matchen verloren
1954-1955 3e klasse B        2
1955-1956 3e klasse A        4
1956-1957 3e klasse B      1 kampioen + promotie
1957-1958 2e Nationale      9
1958-1959 2e Nationale      4
1959-1960 2e Nationale      1 kampioen + promotie

1960-1961 1e Nationale  10
1961-1962 1e Nationale  16 degradatie
1962-1963 2e Nationale  10
1963-1964 2e Nationale      8
1964-1965 2e Nationale  15 degradatie (sanctie KBVB)
1965-1966 4e klasse D      1 kampioen + promotie
1966-1967 3e klasse A      5
1967-1968 3e klasse B      2
1968-1969 3e klasse B      7
1969-1970 3e klasse A             4

1970-1971 3e klasse B      9
1971-1972 3e klasse A              6
1972-1973 3e klasse B      7
1973-1974 3e klasse B      4
1974-1975 3e klasse A              6
1975-1976 3e klasse A      4
1976-1977 3e klasse A      1 kampioen + promotie
1977-1978 2e Nationale      8
1978-1979 2e Nationale      9
1979-1980 2e Nationale  10

1980-1981 2e Nationale      3 tweede in eindronde met 6 punten
1981-1982 2e Nationale      9
1982-1983 2e Nationale      9
1983-1984 2e Nationale  11
1984-1985 2e Nationale  14
1985-1986 2e Nationale      3 derde in eindronde met 4 punten
1986-1987 2e Nationale  13
1987-1988 2e Nationale      2 tweede in eindronde met 9 punten
1988-1989 2e Nationale        5
1989-1990 2e Nationale    10

1990-1991 2e Nationale      4 promotie via eindronde met 10 punten
1991-1992 1e Nationale  18 degradatie
1992-1993 2e Nationale     4 tweede in eindronde met 5 punten
1993-1994 2e Nationale     4 promotie via eindronde met 14 punten
1994-1995 1e Nationale       4
1995-1996 1e Nationale    12
1996-1997 1e Nationale    15
1997-1998 1e Nationale    15
1998-1999 1e Nationale    13
1999-2000 1e Nationale    12

2000-2001 1e Nationale  16
2001-2002 1e Nationale  17 degradatie naar 3e (vereffening + sanctie KBVB)

VC Eendracht Aalst 2002

2002-2003 3e klasse A     3 promotie via eindronde
2003-2004 2e Nationale        12
2004-2005 2e Nationale        18 degradatie
2005-2006 3e klasse A        14 verlies in eindronde + degradatie
2006-2007 4e klasse B    1 kampioen + promotie
2007-2008 3e klasse A            7 tweede in eindronde
2008-2009 3e klasse A         11
2009-2010 3e klasse A            3 tweede in eindronde

2010-2011 3e klasse A          1 kampioen + promotie
2011-2012 2e Nationale  7

SC Eendracht Aalst

2012-2013 2e Nationale                       13
2013-2014 2e Nationale                   11
2014-2015 2e Nationale                      9 degradatie (geen licentie)
2015-2016 3e klasse A                      7 2e in eindronde
2016-2017 2e Klasse Amateur A            3 vanaf dit seizoen 3 nationale + 2 regionale niveaus
2017-2018 1e Klasse Amateur               8
2018-2019 1e Klasse Amateur         15 degradatie   
2019-2020 2e Klasse Amateur B          3

2020-2021 2e Afdeling B                  - competitie geannuleerd omwille van Covid
2021-2022 2e Afdeling B                 2 verlies eindronde
2022-2023 2e Afdeling  A                 7 geen promotie na strafschoppen
2023-2024 2e Afdeling  A                 1 kampioen / geen licentie ontvangen, promotie onzeker
2024-2025    ?







Eendracht Aalst heeft ook een damesafdeling.

In 1995 werd Kamillekes Aalst (stamnummer 8511), dat in de Eerste Klasse van het damesvoetbal speelde, opgenomen in KSC Eendracht Aalst. 
De volgende zeven jaar zou Eendracht Aalst het Belgische damesvoetbal domineren, met vijf landstitels, twee bekers en twee seizoenen Europees voetbal. Na de financiële problemen verliet in 2003 de damesafdeling de club en ging die de afzonderlijke club VC Dames Eendracht Aalst (stamnummer 9447) vormen. 

Meer info over het vrouwenvoetbal in Aalst : HIER


Bronnen

Interview Goeiedag Radio : goeiedag.be/interview/gaston-van-der-elst-aalst-hangt-aaneen-als-het-erop-aankomt/
De vloek van Blavier / De woelige geschiedenis van Eendracht Aalst, ASLK 1919
Den Eendrachter / verschillende jaargangen/edities
Eendracht Aalst Bruisend
KBVB
Eigen info (EA supporter)
Lokale persberichten overname : TV Oost / HLN / Het nieuwsblad / ...
eendracht-aalst.be/
fansite Iendracht.be/forum/
HLN 18/10/2020

zondag 2 juni 2019

De Borse van Amsterdam

In 1391 schonk het stadsbestuur een stuk grond, ten Westen van de Grote Markt, links van het schepenhuis, aan de Gilde van de Vrije Vleeshouwers om er een Vleeshuis op te richten.

In 1629 zagen de beenhouwers zich evenwel verplicht het pand te verlaten, omdat het gebouw (alsook enkele aanpalende woningen) werd gesloopt omdat het marktplein te klein was geworden. De beenhouwers zouden dan ook vanaf dit ogenblik met hun kraam op de Grote Markt staan.

Op de vrij gekomen plaats werd wel reeds in 1630 een nieuw, maar ondiep gebouw, opgetrokken met ondermeer afbraakstenen van de vroegere bouw.

1630 of 1633, het kan aanleiding geven tot discussie, maar feit is dat men beide jaartallen terugvond bij de restauratie van 1908.

Het werd een fraai Laat-Renaissance gebouw in bak- en zandsteen dat zou dienen als Politiewacht (Corps de Garde), Leenhof en Wezenkamer. Inderdaad, de Borse Van Amsterdam was ooit ook een weeshuis.


De gevel is voorzien van 11 vensters met kruismonelen en rust op een open galerij met 12 zuilen verbonden door rondbogen.  Boven elke zuil is een cartouche aangebracht met wapenschilden.  Uiterst links, hoek Nieuwstraat, vinden we het schild terug van burggraaf Vilain XIIII, burgemeester van Aalst, later schepen te Gent.  De derde cartouche vertoont het blazoen van Keizer Karel.  De middelste cartouche draagt het jaartal 1630, begin van de nieuwbouw.  De overige wapenschilden behoren toe aan baljuws en schepenen van de stad.

Boven het eerste verdiep werden later vier topgevels in barokstijl aangebracht, omringd door zware volutes.  In het midden staat een houten torentje met gotische peervorm

De eerste naam was het 'nieuwerck', de nieuwbouw van de stad Aalst dus, het nieuwe stedelijke administratieve centrum als het ware.

De hoofdwacht (politie) was er gevestigd, er en ook de wezenkamer zetelde er. Er werd ook recht gesproken en de vonnissen werden er uitgesproken door het leenhof.

In 1663 kocht de Rederijkerskamer van de Heilige Barbara (De Barbaristen) de zaal van de Wezenmeesters.  De toren kreeg toen de naam van Barbaratoren.

Ondertussen was het gebouw dringend aan herstelling toe.  In 1683 werd het torentje afgebroken.

In de loop der tijden werd het gebouw regelmatig bezet door voorbijtrekkende legers wat steeds noodlottig was : beschadiging, vernieling, brand (in 1743), het gebouw bleef niets bespaard,, totdat het uiteindelijk verwoest werd door Engelse soldaten die er gekazerneerd waren

De zolders van de toenmalige 'Barbarakamer'  werden tussen 1786 en 1792 gebruikt door Jean-Louis De Wolf voor de opslag van zijn hop- en moutvoorraad..... een beetje de voorloper dus van de latere mouterij De Wolf-Cosyns

In 1788 was het herberg 'De Vetzak' en pas in 1829 komen we de naam 'Borse van Amsterdam' tegen.
Judocus Van Vaerenbergh, die er reeds waard is, koopt het gebouw 'genaamd herberg De Borse van Amsterdam'. In een verkoopsovereenkomst heeft men het in 1863 over de 'afspanning' De Borse van Amsterdam, maar een echte afspanning, met paardenstallen voor de afgespannen dieren, was het natuurlijk niet.

Deze foto toont de eerste pagina van de akte : 
Transcriptie : 

Jaar duizend achthonderdnegenen twintig, den eenen
twintigsten Maart, ten zes uren namiddag.
In de herberg genaamd de borze van Amsterdam, bewoond
bij sieur Judocus Van Varenbergh, op de grote markt te Aalst, noordwijk.
Voor ons Cornelius Evit, koninklijken notaris ter verblijfplaats
van Aalst, noordwijk, derde arrondissement der provintie
oostvlaanderen en in de tegenwoordigheid der nagenoemde
getuigen is gekompareerd in persoon de heer Franciscus
Xaverius De Vilander, burgemeester der stad Aalst
en aldaar wonagtig , handelende in zijne gezegde hoeda-
nigheid van Burgemeester en als ten einde deze, zoo
hij verklaart, gedelegueerd van wegens den regeringsraad
dezer Stad Aalst.
Welke komparant heeft gezegd dat hij agtervolgende
de verworvene bemagting verleend bij zijn majesteits
besluit de dato vierentwingsten Juny achttienhonderd
achtentwintig over …….deze stad Aalst
begeert te verkoopen een huis, erve, en dependentien zoo
het zelve gestaan en gelegen is binnen de stad Aalst, op
de groote markt, breeder uitgedrukt in het kohier van
lasten hier na beroepen.
Gevolgelijk heeft de komparant ons ter hand ge-
steld, eerst kopij of afschrift eener maandelijksche
voordragt aan zijne Exciellentie den heer minister
van binnenlandsche zaken, ……verzoeken om
folio een

In de 19de eeuw omvatte de 'Borse van Amsterdam' slechts de rechterhelft van het gebouw. De linkerhelft was toen nog steeds stadseigendom en politiewachthuis. 
In 1855 was er reeds een hotel met 6 kamers.  
Omstreeks 1863 werd het gebouw dan gedeeltelijk aangekocht door een vereniging om er een “Cercle Catholique” op te richtenPas in 1898 kocht de 'Cercle' het volledige gebouw.

De naam ‘Borse Van Amsterdam’ verwijst naar de ligging van en de stopplaatsen van de postkoetsen op de handelsroute Rijsel-Amsterdam (Zoutstraat-Kattestraat)

Beide delen van de Borse zijn trouwens niet even groot: het stadsdeel is ongeveer 42% van de breedte, het rechterdeel, toen eigendom van J.B. Gheeraerdts, 58%.

Bovendien schiet dat perceel nog een behoorlijk stuk in de diepte, achter 4 huizen van de Kattestraat.


Raar dat de reclamekaart een kleiner stuk toont dan de werkelijkheid. Dit was waarschijnlijk omdat het mooier oogde met de twee geveltoppen in plaats van twee en een stukje van een derde.

De 12 wapenschilden boven de pilaren, tussen de bogen, werden in 1930 gerestaureerd. De schilden tonen de wapens van de leden van het magistraat. Uiterst links, vinden wij het wapen van burgemeester de Vilain (1630) vervolgens de schilden van zijn schepenen Piersonne, Croy, Le Boiteulx, Colins, Vaerewyck, De Wilde en De Smet. Ook het blazoen van de Spaanse koning Philips IV is aangebracht.

In 1908 werden de restauratiewerken uitgevoerd :  de Barbaratoren werd heropgebouwd volgens plannen van stadsarchitect Jules Goethals. De oorspronkelijke toren werd reeds eind 17de eeuw afgebroken. De huidige toren werd afgewerkt in 1909!


Op bovenstaande foto uit 1913 ziet men onder de gaanderij van de Katholieke Kring op de Grote Markt (Borse) een reclamebordje hangen van Kaiserquell Pilsner. 


Dergelijke blikken bordjes (51 X71 cm), met hun lichtblauwe achtergrond en gouden letters, zijn nu gegeerde verzamelobjecten. 
In datzelfde jaar 1913 maakte de uitbater van De Katholieke Kring in de krant eenmalig reclame voor deze pils. 


De Borse was een etablissement waar gegoede burgers (met name de conservatieve tegenstrevers van priester Daens) vergaderden.
Naast Pilsner uit Pilsen had men er ook trappist uit… Tilburg (nu La Trappe)! De kasboeken van dit behoudsgezinde bolwerk bleven bewaard. In juni 1910 duikt daarin voor ’t eerst Pilsner op: 195 flessen worden aangekocht (tegenover 166 flessen pale ale en 50 flessen stout).

De Ersten Pilsen Actien Brauerei in de stad Pilsen was er fier op niet Tsjechisch, maar Duits te zijn. Om in het nationalistische Duitsland haar bier te kunnen slijten - Dresden ligt niet zover van Pilsen – gaf de brouwerij in 1909 haar pils dan ook een oerduitse naam: Kaiserquell. 

Meteen een prik naar hun inspirator en concurrent Urquell, die zich als Tsjechisch profileerde in het toen tweetalige Pilsen, dat deel uitmaakte van het Oostenrijks-Hongaarse Keizerrijk. Na de nederlaag van dit rijk en de val van zijn keizer Karel I in 1918, was de merknaam Kaiserquell niet meer zo cool (ook de Duitse Kaiser was toen uiteraard niet meer hip) en drong een herbronning zich op bij de Duitsgezinde brouwerij. 
Hun pils kreeg een nieuwe naam: Gambrinus, naar de oorspronkelijke benaming van de brouwerij, die sinds de oprichting in 1869 Urquell, de uitvinder van de Pilsner, bekampte. Maar Gambrinus fusionneerde met Urquell in 1932 en werd na WO II door het communistische Tsjecho-Slowakije genationaliseerd. De merknaam bestaat echter nog altijd. De Gambrinus van nu is een lichtamberkleurige, moutige en zacht bittere… Tsjechische pils.

De gegoede Aalstenaar verteerde er in die maand ook nog 8 tonnen (van ongeveer 160 liter) gewoon bier van de katholiek Rochus De Gheest (de latere brouwerij Safir) en 7 tonnen Leuvens. Maar de maand daarop, in juli 1910, werden er twee ‘fûts’ (van 51 liter) Pilsner aangekocht. Zo een presvat, dat vanbinnen gepekt was met een soort boomhars, hield het bier op druk, in tegenstelling tot de houten tonnen met het plaatselijk bier. Het heldere, parelende lage gistingsbier was een verfijnd importproduct!
In 1914 was het uiteraard gedaan met de Duitse invoer: exit Kaiserquell!

Er dook dan ook meteen een nieuw fenomeen op in De Borse Van Amsterdam: de flessen ‘special’ (genre Palm) deden er hun intrede. Het gewone bier moest gehaald worden waar er in deze schaarse tijden voorraad was: eens een ton bij Brouwerij Hermans (Appels), dan weer bij Torrekens (Aaigem), of Burny (Aalst), terwijl ook Brouwerij De Gheest er nog leverde.

Na ‘den Grooten Oorlog’ deden de ‘bockskens’ hun intrede. Later kwamen de – plaatselijke - pilsen terug met aan de vooravond van de tweede wereldoorlog Bergenbier, Safir en Golden Tiger als luxeproducten.

Na de tweede wereldoorlog, in 1949, werd het gebouw grondig gerestaureerd en vernieuwd.

De Borse van Amsterdam wordt sinds 1994 uitgebaat door Patrick en Annemie Cuvelier - Sallet 
Het restaurant mag zich sinds enkele jaren ook vermeld zien in de Michelin gids. 

Chef Patrick is heel tevreden. Het eten dat uit de keuken komt, mag nog zo lekker zijn, en mag er nog zo goed uitzien, als het niet geserveerd wordt naar behoren, zullen we ook geen punten krijgen. 

De Borse van Amsterdam heeft in de Michelingids een vermelding. De Bib Gourmand gaat over een menu met een prijs beneden de 35 €. Zij hebben een menu van 34 € waar je steeds kan kiezen uit drie voorgerechten en drie hoofdgerechten. De chef ziet er steeds op toe dat er altijd gevogelte, vis of vlees bijstaat, en de menu's worden afgewisseld met seizoensgebonden ingrediënten…

en … er is een gezellig terras met zicht op de markt en het belfort.


In 2023 waren er enkele hardnekkige geruchten te horen : 'De Borse stopt ermee' ... 

'Fake news' meldden de eigenaars heel snel, hoewel het nieuws geen volledige 'kwakkel' blijkt. 

De Borse van Amsterdam, gerund door Annemie Sallet en Patrick Cuvelier, zal open blijven tot zolang ze geen geschikte opvolger gevonden hebben.

Het koppel verklaart nog steeds met dezelfde passie voort te werken, maar ze willen stilletjesaan van het leven genieten en aan hun gezondheid denken. 

Hoewel Annemie oorspronkelijk dacht dat ze het maximaal tien jaar zouden volhouden, zijn ze nu bijna dertig jaar verder en geloven ze steevast dat ze geschikte opvolgers zullen vinden om deze prachtige zaak verder te runnen.


Bronnen

borsevanamsterdam.be
Het Nieuwsblad 6/11/2012
MadeinAalst
inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/60